6. Terugblik

Jullie hebben veel geleerd over lieveheersbeestjes.

Jullie weten nu dat het fabeltje “Aan het aantal stippen kan je zien hoe oud een lieveheersbeestje is.” niet klopt. Je weet ook dat je aan het aantal stippen kunt zien bij welke familie / welk soort het lieveheersbeestje hoort. Lieveheersbeestjes zijn nuttige dieren, maar je hebt ook ontdekt dat niet alle soorten nuttig zijn. De meeste lieveheersbeestjes eten bladluizen, zij zijn nuttig, planteneters en de bladschimmeleters worden niet altijd gewaardeerd, Zij tasten de planten aan of brengen schimmels over van de ene op de andere plant. leuke en gratis  lieveheersbeestje animatie plaatjesOok hebben jullie gezien dat een larve uit een eitje komt dat de moeder heeft gelegd en gelijk weer verlaten heeft. Na een tijdje verpopt de larve en ontpopt een kevertje dat langzaam verkleurt tot een lieveheersbeestje. Daar hebben we gelijk een antwoord op de vraag die we onszelf stelden bij de “Inleiding”. “Jullie zullen dan ook ontdekken of de afbeelding op deze pagina wel kan kloppen, bestaan er eigenlijk wel babylieveheersbeestjes en zorgt hun moeder wel voor ze?” Je hebt dit en nog veel meer geleerd. 
 

Door iemand anders uit te leggen wat je hebt geleerd onthoud je de stof beter. Daarom ga je de informatie
nu verwerken in een spreekbeurt, een PowerPoint presentatie of een werkstuk. De presentatie die je gaat
maken is het belangrijkste onderdeel. Kijk nog goed naar de afspraken die ook genoemd zijn onder aan de
pagina bij “Opdracht” en Werkwijze”. Hieronder zie je ze nogmaals.

Lieveheersbeestje
Afspraken:

  • Je spreekbeurt of PowerPointpresentatie duurt tussen de 10 en 15 minuten.
  • Je werkstuk is niet groter dan 10 A4-tjes.
  • Je werkt met een lettertype van normale grote (bijv. Arial 11 of 12 punts). 
  • Voor alles telt: Je moet laten zien waar je de informatie vandaan hebt gehaald. Dat geldt voor boeken, maar ook voor websites. 
  • Wat je ook maakt (spreekbeurt, werkstuk of PowerPoint) deze krijgt de volgende indeling: 
    • Voorkant (of 1e dia) met een mooie afbeelding over dit onderwerp, de titel en je naam en je klas en een datum. 
    • Tweede bladzijde (2e dia): een inhoudsopgave. 
    • Derde bladzijde (3e dia): de inleiding waarin je schrijft waarom je dit onderwerp hebt gekozen. 
    • Na de derde bladzijde volgen de onderwerpen in hoofdstukken. Elk hoofdstuk is minstens 1 A4-tje en maximaal 2 A4-tjes lang. 
    • Op elke bladzijde (dia) zorg je voor minstens één goede afbeelding die past bij de tekst op die bladzijde. 
    • Voor de PowerPointpresentatie gelden dezelfde regels. Elk hoofdstuk bestaat uit minstens 1 dia en maximaal 3 dia's. 
    • Je mag zelf bepalen in welke volgorde je de onderwerpen zet.  
    • Na deze (belangrijkste) hoofdstukken volgt nog een hoofdstuk, dat heet "Afsluiting". Maak op een leuke manier een einde aan je werkstuk. 
    • Geef je mening over dit onderwerp. Hoe vond je het maken van het werkstuk? Heb je nog leuke tips? 
    • Als laatste pagina (laatste dia) maak je een overzicht van:
      • Welke websites je hebt gebruikt om informatie te vinden. 
      • Welke websites je hebt gebruikt om afbeeldingen van te kopiëren. 
      • Welke boeken (titel + schrijver) je hebt gebruikt.